Samenvatting

In de strijd tegen psychosociale arbeidsbelasting (PSA) hebben zowel werkgevers als werknemers een belangrijke rol. Werkgevers moeten een gezonde werkdruk en een veilige, respectvolle werkomgeving bevorderen, terwijl werknemers actief moeten bijdragen aan een positieve werkcultuur en zich verantwoordelijk moeten opstellen voor hun eigen welzijn. Door goede communicatie, het tijdig aanpakken van werkdruk, en het handhaven van gedragsnormen kunnen werkgevers en werknemers samen werken aan een gezonde werkplek.

Ambities voor medewerkers:

 

  • Open communicatie over werkdruk: Medewerkers moeten zich vrij voelen om bij hun leidinggevende aan te geven wanneer de werkdruk te hoog wordt of wanneer er sprake is van ongewenst gedrag. Dit zorgt ervoor dat problemen tijdig kunnen worden aangepakt.
  • Bewustzijn van eigen grenzen: Medewerkers streven naar een gezonde balans tussen werk en privéleven en zorgen ervoor dat ze tijdig aangeven wanneer ze overbelast dreigen te raken. Ze maken gebruik van pauzes en leren hoe ze stress kunnen herkennen en verminderen.
  • Actieve deelname aan de werkcultuur: Medewerkers dragen actief bij aan een positieve werkcultuur door ongewenst gedrag aan te kaarten en mee te werken aan het opstellen en naleven van omgangsnormen.
  • Opleiding en zelfontwikkeling: Medewerkers nemen verantwoordelijkheid voor hun eigen ontwikkeling door deel te nemen aan relevante trainingen en het verbeteren van hun vaardigheden, zodat ze zich competent voelen in hun werk en stress kunnen voorkomen.
  • Zorg voor collegiale ondersteuning: Medewerkers helpen elkaar door open gesprekken te voeren over stress, werkdruk en omgangsvormen, en door collega’s aan te spreken op ongewenst gedrag.

 

Eisen aan medewerkers:

 

  1. Melden van werkdruk en ongewenst gedrag: Medewerkers moeten zich actief uitspreken wanneer ze de werkdruk niet aankunnen of wanneer ze te maken krijgen met agressie of ongewenst gedrag. Dit helpt bij het tijdig oplossen van problemen.
  2. Zelfzorg en stressmanagement: Medewerkers dienen hun eigen grenzen te bewaken, regelmatig pauzes in te plannen en, indien nodig, gebruik te maken van beschikbare steun of begeleiding om stress te verminderen.
  3. Collegiale verantwoordelijkheid: Medewerkers moeten een positieve invloed hebben op de werkcultuur door ongewenst gedrag aan te kaarten bij leidinggevenden of vertrouwenspersonen en door een open dialoog te voeren over werkdruk.
  4. Actieve deelname aan opleidingsmogelijkheden: Medewerkers moeten zich actief inzetten om hun vaardigheden te verbeteren door het volgen van trainingen of bijscholingsmogelijkheden die bijdragen aan hun werkplezier en -prestaties.
  5. Respectvolle omgang met anderen: Medewerkers dienen zich te houden aan de gedragscode en de omgangsvormen die binnen het bedrijf zijn afgesproken, zowel richting collega’s als richting klanten of andere derden.
  6. Zorg voor een goede werkorganisatie: Medewerkers kunnen bijdragen aan een goede werkorganisatie door mee te denken over planningen en werkmethodes en door zich verantwoordelijk op te stellen bij het uitvoeren van hun taken.

 

Ambities voor Werkgevers:

  • Verbeteren van de werkdruk: Werkgevers streven ernaar een werkklimaat te creëren waarin werkdruk goed beheerst wordt, zodat deze niet leidt tot gezondheidsklachten bij medewerkers. Dit houdt in dat de werkbelasting altijd in verhouding staat tot de beschikbare tijd en de capaciteiten van medewerkers.
  • Zorg voor veilige werkomstandigheden: Werkgevers willen zorgen voor een veilige werkplek, vrij van seksuele intimidatie, agressie, geweld en pesten. Dit betekent een cultuur waarin ongewenst gedrag actief wordt voorkomen en aangepakt.
  • Regelmatige dialoog: Werkgevers faciliteren regelmatige gesprekken over werkdruk, werkstress, en omgangsvormen, zodat medewerkers hun zorgen kunnen uiten en problemen snel opgelost kunnen worden.
  • Duidelijke communicatie en planning: Werkgevers streven naar een goede werkorganisatie, waarbij duidelijke planningen en taakomschrijvingen zorgen voor een efficiënte en stressvrije werkdag. Hierbij wordt rekening gehouden met drukke periodes en onvoorziene omstandigheden.
  • Ondersteuning en opleiding: Werkgevers investeren in de ontwikkeling van hun medewerkers door middel van trainingen en voorlichting, zodat medewerkers weten hoe ze om moeten gaan met agressie en werkstress, en zich kunnen ontwikkelen in hun werk.

Eisen aan Werkgevers:

  1. Werkdrukbeheersing: Werkgevers organiseren werkdruk te beperken, waarbij de hoeveelheid werk in verhouding staat tot de beschikbare tijd en capaciteiten van medewerkers. Dit omvat het tijdig plannen van taken en het voorkomen van overbelasting.
  2. Veilig en respectvol werkklimaat: Werkgevers waarborgen een werkomgeving waarin agressie, geweld, seksuele intimidatie en pesten niet worden getolereerd. Dit vraagt om duidelijke gedragsregels, een klachtenregeling en vertrouwenspersonen voor medewerkers.
  3. Opleiding en training: Werkgevers zorgen voor voorlichting over werkdruk, stress, en omgangsvormen. Leidinggevenden dienen getraind te worden in het herkennen van stresssignalen en het effectief reageren op conflicten.
  4. Regelmatige evaluatie: Werkgevers evalueren regelmatig de werkdruk en omgangsvormen, bijvoorbeeld door functioneringsgesprekken waarin PSA aan de orde komt.
  5. Goede werkorganisatie: Werkgevers dienen te zorgen voor een goede werkplanning en duidelijke taakomschrijvingen, zodat medewerkers hun werk efficiënt kunnen uitvoeren en geen stress ervaren door onduidelijkheid of planningsproblemen.
  6. Beschikbaarheid van steun: Werkgevers zorgen ervoor dat medewerkers altijd kunnen terugvallen op steun, bijvoorbeeld via vertrouwenspersonen of een klachtenprocedure, en dat er adequate nazorg is bij incidenten van ongewenst gedrag.